Het eerste gemekker is er al!

Zaterdagochtend 6 uur op. We gaan vroeg op stap met directeur Fred, de veearts en de eigenaar van een geitenboerderij. De reis gaat naar een geitenboerderij in de omgeving van  Luwero, een ritje van ongeveer 100 kilometer.
Doel: de eerste aanschaf van vlees- en melkgeiten en een bok. Luwero ligt ten noorden van Kampala. Om Kampala te mijden gaan we binnendoor en dat betekent grotendeels rijden over stoffige, rode zandwegen met de onvermijdelijke hobbels en kuilen.

Na Luwero moeten we diep het binnenland in. Stoffiger kunnen de rode zandwegen niet worden, maar wel smaller en met meer kuilen, veel meer kuilen. En breder en dieper. We rijden in een personenwagen, geen 4WD. Talloze malen schuurt de bodemplaat van de auto over de grond en een aantal keren is het geen schuren meer maar een luid gebonk. Het is ons nog een raadsel dat we de uitlaat niet in stukjes bij elkaar hebben moeten vegen.

De wereld raakt steeds meer onbewoond. Het landschap verandert, moeras- en bosachtig. De geitenboerderij staat “in the middle of nowhere”. Land met daarop een stal en twee banda’s, ronde lemen hutten met een dak van gras. Hier wonen twee oppassers. In de stal krioelt het van de geiten.

 De veearts kan nu in actie komen. De geiten kunnen onderzocht worden. Maar dat blijkt anders te gaan. De veearts observeert. Laat de geiten wat door de stal lopen om vervolgens weer  te observeren. Als hij een keuze bepaald heeft, wijst hij de bewuste geit aan die vervolgens door een oppasser wordt gevangen.
Tien drachtige geiten worden zo geselecteerd, zeven vleesgeiten en drie melkgeiten. De besten volgens de veearts. Volgens de eigenaar van de geitenboerderij zullen we daar veel plezier van krijgen. Uit een stal een eind verderop wordt nog een bok tevoorschijn getoverd. Geiten en bok moeten nu in een open laadbak van de pick up truck. Dat is wonderbaarlijk snel gepiept. Van takken wordt  een geraamte om de laadbak gebouwd. Zo kunnen de geiten geen gekke bokkensprongen meer maken.

 En dan wacht de lange weg terug. Nu rijdt de veearts i.p.v. de eigenaar van de geitenboerderij. Nu gaat het wat meer van dik hout zaagt  men planken. We wanen ons in de cakewalk op de kermis. De auto knarst, schuurt, bonkt. Stofwolken waaien op. Vanwege de warmte staan de voorste ramen open. Het binnenste van de auto wordt steeds meer rood gekleurd. En wij kleuren mee. Onze longen beginnen te protesteren. Het gekuch is niet van de lucht.

Tegen vier uur komen we aan bij de school. De pick-up truck volgt even later. In de afgelopen dagen is er hard gewerkt aan de stallen . Dit is begonnen direct na ondertekening van het contract tussen het Lejofonds en de stichting van de Good Sanmaritanschool.  De stallen  staan nu klaar om hun bewoners te ontvangen. Uiteraard is de komst van de geiten niet onopgemerkt gebleven.

Niet alleen kinderen maar ook volwassenen zijn nieuwsgierig. Het uitladen is snel gebeurd. Maar tijdens de korte wandeling van auto naar stal weten toch een paar geiten te ontsnappen. Voor korte duur. Een aantal kinderen weten ze weer snel te vangen.
Eenmaal in de stal staan de beestjes tevreden te eten van het gras wat in ruime mate in eetbakken is neergelegd. De veearts bekijkt het schouwspel aandachtig. Hij wijst ons een geit aan. Die krijgt binnen een week een jonkie. Of twee, dat weet je bij geiten maar nooit. De veearts is een voortvarend man. Morgen (zondag!) wil hij al starten met de tweeweek durende training aan directeur Fred 1 en 2. Zij zullen de kneepjes van het geiten houden bijgebracht worden. Zij zullen die kennis moeten overdragen aan de mensen die geselecteerd zijn om een geit te krijgen. Voordat een jonge geit wordt gegeven moet men eerst zelf een stal bouwen of laten bouwen en een training volgen bij Fred 1 en 2 inzake het houden van geiten. Zo wordt een garantie ingebouwd dat er op een goede manier met de geiten, dit speciale ras, wordt omgegaan.

We willen “productie”. We willen een sneeuwbaleffect. Hebben geselecteerde families een geit gekregen dan zijn zij verplicht een geit uit de eerstvolgende worp af te staan voor een nieuwe familie. Families hebben vooraf een contract getekend dat zij geiten houden zoals het project dat bedoeld heeft. Raakt een familie, om wat voor reden dan ook zijn geit “kwijt” dan is het verplicht de waarde van de geit te betalen aan het project of, bij gebrek aan geld, hiervoor arbeid te leveren. De Oegandese wet ondersteunt deze opzet.
Fred 1 en Fred 2 , ook directeuren van de school en de stichting met die moeilijke naam, worden door dit project, door de opzet, extra belast. Het is goed om voor het toezicht op en de verzorging van de geiten extra mankracht in te huren. Het Lejofonds is bereid de kosten van een toezichthouder, het eerste half jaar, te betalen.
Opzet van vandaag was om meer melkgeiten mee terug te brengen. Het verschijnsel melkgeit is tamelijk onbekend in Oeganda. Reden waarom dit “artikel” schaars is. Reden dat we niet meer dan drie kwalitatief goede melkgeiten mee terug konden nemen. De eigenaar van de geitenboerderij gaat “leentjebuur” spelen bij een bevriende relatie. Volgende week komen er vijf melkgeiten bij. Melkgeiten kunnen drie liter melk per dag produceren. Een hoogwaardig product. 1 liter geitenmelk kan met gemak met twee liter water aangelengd worden om voldoende voedingsstoffen voor kinderen te behouden. Een zegen voor de kinderrijke gezinnen en families. De directeur van ons logeeradres, Christoph, huldigt de stelling dat mensen die in hun eigen voedsel kunnen voorzien rijke mensen zijn.
Duidelijk is dat bij het geitenproject meer komt kijken dan alleen de aanschaf van geiten en een bok. Een bok en de eerste tien “twee-in-een” oftewel drachtige  geiten zijn binnen. Volgende week komen daar vijf drachtige melkgeiten bij. Binnenkort lopen er dus minimaal dertig geiten rond. Een geit heeft in twee jaartijd minstens drie jonkies. De jonkies zijn na 6 maanden geslachtsrijp. Wie maakt het rekensommetje hoeveel geiten er na twee jaar rond lopen?
Voor bovengenoemde aanschaf hebben we als uitgangspunt genomen  de opbrengst van de vastenactie van de Jozefschool en de toezegging van particulieren een geit te kopen.
Het is mogelijk een aangeschafte geit een naam te geven. Deze komt op een button te staan die in het oor van de geit wordt aangebracht.

Het Lejofonds krijgt elke drie maanden informatie over de stand van zaken binnen het geitenproject. Abonnees van deze weblog en donoren worden automatisch van dit nieuws op de hoogte gebracht.

Meer foto’s en geiten bewonderen? Dat kan hier.

Geen reakties op “Het eerste gemekker is er al!”

Geef een reaktie